Zoeken

(VERHAAL) Yung Stembiljet

Bijgewerkt: apr 22



Yung Stembiljet, noemde hij zichzelf. Hij was niet veel groter dan een 5-euro biljet, maar voelde zich minstens een 500 euro’tje. Hij droeg kleren in de kleur van datzelfde 500’tje, rozig en paars. Als een pimp stapte hij over bospaden en liet zich horen waar hij kwam.

“Yung Stembiljet, Yung Stembiljet, alle chicks vinden mij kankervet,” bulderde hij door het loofbomenbos. Verschillende dieren en soortgenoten staken hun hoofden om de deurposten van hun hol, dan wel boomhut. Ze hoorden hem van heinde en verre aankomen, kwamen dan eventjes in het zonlicht om, zoals buren dat zo goed kunnen, in koor nee naar elkaar te schudden. Daar was alles voor hen, ook al was het nog niets, mee gezegd. Yung Stembiljet had de grootste schijt aan de negatieve hoofdbewegingen van zijn medesamenlevingbewoners. Dat zei hij dan ook.

“Ik heb de grootste schijt aan de negatieve hoofdbewegingen van jullie medesamenlevingbewoners”, riep hij dan, met zijn twee bonkige middelvingers richting het bladerdek gehesen.


Yung Stembiljet slofte met zijn voeten, ondanks dat zijn moeder hem zo had ingeprent dat niet te doen. Zo zou hij zijn laarzen te snel verslijten en ze bleef toch zeker niet aan de gang. Maar nu Yung Stembiljet alleen nog bij zijn moeder langskwam voor het legen van de knapzak vol vuile was en het naar binnen stompen van taartpuntjes, sleepte hij de zolen van zijn laarzen zo lang mogelijk over het stoffige boslaminaat. Hij had immers laarzen zat, thuis, en hoe zag men anders zijn goudgevlochten sokken?


Toen op een dag Yung Stembiljet zijn buurman van drie huizen verder ongevraagd uitdaagde voor een rap-battle, zoals niet zelden gebeurde, was hij getuige van een voor hem akelig verschijnsel. De buurman deed niet voor hem open, zelfs niet om de holendeur weer tegen Yungs prominente neus dicht te gooien. Zijn buurman, ook een kabouter, gedoopt Ponkelpif van Dikwinkels, was er namelijk uiterst alert op de jongeman op zijn akelige schuttingtaal te wijzen. Dat was natuurlijk bedoelt als les, niet als rap-battle, maar omdat Yung wel rijmde en de buurman niet, vond Yung dat hij de ‘spitsessie’ had gewonnen. Keer op keer. Maar op de dag waarop dit verhaaltje bestaat, was dit niet het geval. Ponkelpif van Dikwinkels, of voor Yung Stembiljet simpelweg: Ponk von D, toonde zijn pokdalige tronie niet om de dovemansoren van Yung de les te lezen. Er klonk enkel een diepe zucht en ‘ga toch weg, jongen’ vanachter de eikenhouten deur.

Yung zal dit toch zeker niet op zich laten zitten. Hij trok zijn broek iets naar beneden, zodat zijn onderbroek, met felgekleurde strepen daarop geprint, ironisch te zien was, in het geval dat een toevallige passant naar hem keek. Alsof er een startschot werd gelost kwam de furie van Yung Stembiljet.


“Hij spuwt, hij spuit, als een IJslandse geiser of een vuurtornado,” klopte hij zichzelf op de spreekwoordelijke schouder. Ponk zal de wraak van het Stembiljet voelen. De sickste van het hele fucking bos laat zich niet afwimpelen door iemand die Ponkelpif heet. Er regende een ware orkaan van schuttingtaal uit de mond van Yung, door de kieren in de deur, tegen de trommelvliesjes van Ponk von D. Man. Zo bont had Yung het niet vaak gemaakt. Hij schrok er bijna zelf van, maar toen toch niet. De spetters consumptie die bij het driftige eenzijdige rap-battlen ontstonden vlogen werkelijk als een gazonsproeier in de rondte. Met een goed oog had men zelfs een regenboog kunnen spotten, die Yung met zijn consumptie en de uitzonderlijk schijnende zon had doen ontstaan. Maar Ponk van D reageerde niet. Hij hield zijn holendeur dicht.

Yung Stembiljet was voor zolang het momentje duurde stomgeslagen. Dat was een unicum, begrijpt u ondertussen wel. Maar terwijl het momentje weer in de eeuwigheid verdween bonsde Yung met zijn twee vuisten tegen de deur.

“Doe es open, Ponkelpik. Of heb ik je gisteren zo hard gedist dat je nu nog ligt te cry’en als een lil’ beatch?”

Er kwam geen wederwoord uit huize van Dikwinkels. Het bordje met de familienaam wiegde piepend heen en weer, het geluid enkel bijgestaan door het ruisen van het bladerdek. De stilte vond Yung Stembiljet maar niets.

“Fakkaaaa G, gaan we zo doen?!” bulderde hij, en nog voordat hij het woord ‘doen’ fatsoenlijk had afgemaakt, slaakte hij een hoge kreet uit zijn keelgat. Het deed de voorbijvliegende vogels geschrokken omkijken, want dit was niet het krassende krakende krokante kreetgeluid dat Yung normaal uitspuwde. Er galmde een jaloersmakende vibrato dat met de zonnestralen leek te dansen en de grassprietjes liet wiebelen van de fotosynthese. Hij hield de toon net zo lang aan tot Ponk van D de deur open deed. Dat duurde 5 minuten en 47 seconden, had Yung op zijn Hublot Big Bang 44mm polshorloge (€ 30.018,-) bijgehouden.


“OKE, OKE, je wint weer,” riep Ponk op brommende toon vanuit zijn huisje, in de hoop de piepende keeltoon buiten zijn deur te overstemmen. Dat was als muziek in Yungs oren, dat snapt u wel. Yung greep zichzelf bij het kruis aan zijn ketting en het kruis in zijn broek, spuugde een mogu-mogu-achtige roggel tussen de voeten van Ponk op de grond en knipoogde uitdagend. Ponk liep rood aan. De wratten die in grote getallen zijn gezicht bevolken leken te pulseren, op het puntje van ontploffen te staan, tot Yung’s grote plezier.

What-the-do, Ponk. You got yo’ ass beat again, boiiii,” slingerde Yung Stembiljet in een reddeloos lelijk Engels accent uit zijn stembandenholte. Ponk schudde zijn hoofd weer en zuchtte dan ook maar weer eens een keertje diep. De wratten kalmeerden, tot het niet meer dan gebruikelijke schoonheidsgebrekjes waren op Ponks gezichtslandschap. De passieve houding van Ponk stond Yung maar niets aan.


“Waarom reageer je zo fucked up, man?” vroeg Yung, met zijn armen in zijn zij, en zijn grill, die zijn moeder voor hem op maat had gemaakt, getoond als een snauwende hond.

Ponk fronsde en reageerde langzaam, want in discussiesnelheid versloeg je Yung toch niet, dat had hij alvorens meer dan eens duidelijk gemaakt.

“Waarom doe je dit hele show-tje? Voor wie? Voor ons hoef je het niet te doen, jongen. Ik weet dat je het leuk vindt, zo rond paraderen, en de aandacht naar je toe te trekken als een nudist in Saudi-Arabië, maar moet het altijd zo boos? Zo kwaad?”

Yung keek hem vanonder zijn in de spiegel geoefende intimiderende frons aan.

“En hoe kom je eigenlijk aan die rare naam? Yung Stembiljet? Wat is dat nou? Je heet toch gewoon Je-“

“Wow, fuck jou gast, hoezo ga jij hier een beetje de frisse lucht vervuilen met je bullpoep. Op de eerste drie nummers van mijn vierde mixtape leg ik toch uit waarom ik Yung Stembiljet heet? Ik educate je wel even.”

Yung lachte theatraal, zoals Jay-Z dat zo geinig doet, trok zijn broek weer een stukje naar beneden, zover dat zijn hele onderbroek en zelfs een stukje van zijn bovenbeen ontbloot waren, en riep hard:

“Omdat waar je ook op stemt, op wit of zwart of violet, je stemt altijd op het motherfucking stembiljeééééét!”

Ponks deur klikte langzaam, maar zonder enige twijfel, terug in het slot.

  • White Twitter Icon
  • White Facebook Icon
  • White Instagram Icon
  • White YouTube Icon
  • White LinkedIn Icon

© 2020 by NICK FELIX.